apr 102016
 

Spraakwaterartikel door Erik Houwing – Het heeft niet veel gescheeld, maar het referendum van woensdag 6 April heeft de kiesdrempel gehaald. Vol zelfvertrouwen claimden mannen zoals Jan Roos en Thierry Baudet de Nederlandse democratie gered te hebben. Het heeft weinig gescheeld, enkele procentpunten, maar het is ze gelukt. Waarvan ze de Nederlandse democratie gered hebben is mij nog onduidelijk, maar de organisatoren van het referendum konden hun geluk niet op. Begrijpelijk natuurlijk. Was de opkomst iets lager geweest, dan waren Roos en Baudet weggehoond als faalhazen, niet in staat om een verschil te kunnen maken. Iedereen weet dat als het referendum ongeldig was geweest, of een andere uitslag had gehad, deze types zouden verdrinken in de vergetelheid.

Hoe het ook wendt of keert, het is de organisatoren van het referendum gelukt om veel mensen te irriteren. In een poging om relevant te blijven heeft Thierry Baudet meegedeeld dat hij bereid is om de regering te helpen bij het heronderhandelen van het EU-Oekraïne verdrag. Baudet zei in tv-programma Pauw dat hij bezig is een manifest op te stellen dat Rutte kan meenemen naar Brussel. “Dat manifest ga ik samen met andere leden van het intellectuele nee-kamp opstellen”, aldus Baudet. Het is wel begrijpelijk dat Baudet probeert de nadruk te leggen op de intellectuelen in het nee-kamp. Het nee-kamp leunt op de steun van kiezers die nee-stemmen omdat Pechtold ja stemt, of op mensen die slecht geïnformeerd zijn maar wel hun mening op internet mededelen, daarbij claimen het beter te weten dan mensen in Oekraïne zelf.

Ik zou niet zeggen dat het nergens over gaat. Dit zijn zeker fundamentele vraagstukken die belangrijk zijn voor Nederlanders, en de uitkomst van EU verdragen hebben zeer veel invloed. Gemotiveerd door hun donderend succes proberen deze mensen zich te diversifiëren met plannen voor nieuwe referenda. Onderwerpen zouden moeten zijn EU vluchtelingenbeleid, TTIP, en geldoverdrachten aan Zuid-Europa om regeringen en banken daar overeind te houden.  Datgene dat mij zo irriteert is het feit dat deze ‘redders van de Nederlandse democratie’ tevreden zijn met een 32%. Op zichzelf is het logisch, het betekent dat hun referendum geldig is. Zelf vind ik deze uitslag triest. De initiatiefnemers hebben gezegd dat het ze helemaal niet gaat om Oekraïne. Het is alsof de initiatiefnemers tevreden zijn met een 5.7 als cijfer voor een essay, terwijl het gewoon een slecht stuk is. Maar ach, GeenStijl moet interessant blijven, en Baudet wil zijn boeken verkopen.

  One Response to “Tevreden met een 6: Het EU-Oekraïne verdrag tijdens een referendum in Nederland”

  1. De grote conclusie die je kunt trekken is dat het referendum juist een succes was. Wat de achterliggende ideeën van Baudet en Roos ook zijn, het directe doel van het verwerpen van het associatieverdrag is behaald. De regering heeft toegezegd niet te ratificeren. B&R kan veel worden verweten, maar niet dat hun doel was een zo hoog mogelijke opkomst te hebben en zo te bewijzen dat Nederland als quasi-directe democratie kan werken.

    Wel heeft dit referendum aangetoond dat de huidige opzet van het referendum ondeugdelijk is. Ik hoopte dat de kiesdrempel niet werd gehaald (ik heb overigens wel gestemd), om voor eens en voor altijd te bewijzen dat die er bij een raadgevend referendum niet toe doet. 2,5 miljoen tegenstemmen geven de regering namelijk hetzelfde advies om niet te ratificeren, ongeacht het aantal voorstemmers. Ik heb alle vertrouwen dat de regering hun stem alsnog had overgenomen, zelfs al waren al de gekomen voor-stemmers thuisgebleven. Deze in tegenstem staat namelijk voor een massa die groter is dan welke demonstratie we ooit hebben gezien. Er is maar één mogelijkheid om de tegenstem te stoppen: met een meerderheid van voor-stemmen. Zo simpel kan en hoort een binaire verkiezing zijn.

    Het parlement moet zijn les trekken en de wet zo aanpassen dat er geen validiteitsgrens meer in zit, om de verkiezing voortaan niet in een mislukt college kansberekening te laten veranderen. Het is een farce dat een stel cynische stemmingmakers het publiek hebben doen geloven dat thuisblijven zou werken om dit associatieverdrag door te laten gaan. Dit gaf twijfelende tegenstemmers alleen maar meer reden om toch te gaan. Het enige resultaat dat deze verkiezingsslopers hebben bereikt is dat er zo veel mogelijk mensen tegen hebben gestemd en zo weinig mogelijk voor. De tegenstem werd sterker dan B&R op eigen kracht hadden kunnen bereiken. Met die conclusie staan al die thuisblijvers met hun statistisch deficit in hun hemd. Ik hoop dat ze als boetedoening de regering alsnog zullen presenteren met een mosterd-na-de-maaltijdpetitie van niet uitgebrachte voor-stemmen.